Rotterdam stadsfront Rotterdam stadsfront Rotterdam stadsfront Rotterdam stadsfront

De compacte stad, De Maasboulevard 

2010 Rotterdam, Zuid-Holland

 

Dijken en de Nederlanden gaan samen. Ons landschap wordt beschermd door dijken en steden zijn eraan ontstaan. Door de eeuwen heen zijn ze verweven met de stad. Ze zijn geïntegreerd met gebouwen en met het stratenpatroon. Vanaf het modernisme is men de dijk gaan zien als een autonoom civieltechnisch object. Het ophogen van deze dijken (Deltacommissie 2008) staat opnieuw ter discussie. Als dit gebeurt op de ‘autonome’ manier, dan verdwijnt de stad achter een schutting. De relatie tussen stad en rivier is hiermee definitief verdwenen is mijn mening. Willen we dat? Deze vraag was de start voor een gedetailleerde visie die de ophoging ziet als een kans om de stad met de rivier te verbinden. Het laat de ruimtelijke mogelijkheden zien van de herintroductie van de geïntergreerde dijk in de stedelijke gebieden, zie het project Dijkplateau.

Voor het tracé van het Dijkplateau tussen het park de Plantage en het Leuvehoofd in Rotterdam, ook wel de Maasboulerd genoemd, is een ontwerp van het waterfront gemaakt. De Maasboulevard ligt op een smal eiland in de bocht van de rivier. Ooit waren het drie eilanden die na de watersnoodramp door de aanleg van de Maasboulevard aan elkaar zijn verbonden.

Met de realisatie van het Dijkplateau worden opnieuw drie eilanden geïntroduceerd, om in een compact stadsdeel maximale openheid te creëren. Er ontstaat dan een spanningsveld tussen de compacte dijk en het open water, waarbij via de tredengewijze opbouw van het Dijkplateau de schaarse ruimte optimaal wordt benut. Dit heeft als uiterste consequentie het Stadsbalkon aan de westkant, met één trede van 6.20 +NAP, uitwaaierend naar vier treden in het getijdenpark aan de oostkant. Dit staat als het ware symbool voor de verstedelijkte binnenstad aan de westkant en de meer landelijke oostkant van de stad. Het waternetwerk is het bindmiddel tussen de eilanden en de Maas. Dit netwerk is de spil in de waterrecreatie. Op deze manier ontstaat er weer een aaneengesloten waterstelsel tussen Leuvehaven, Wijnhaven, Oude haven, Haringvliet, Boerengat, Buizengat en de Maas. Het profiel van de Maasboulevard is aan de oostkant smaller geworden, zodat er ruimte is ontstaan voor nieuwe gebouwen langs de boulevard en voor een promenade voor langzaam verkeer langs de oever van de Maas. Langs de promenade zijn hellingbanen naar de lager gelegen natuurvriendelijke oevers met recreatief medegebruik. Het stadsbalkon van Rotterdam is aan de westzijde zeer compact vormgegeven. De Maasboulevard is hier omgevormd naar een stadsstraat met aan beide zijden gebouwen en aan de rivierzijde een openbare overdekte kade voor wandelaars. De gebouwen langs deze kade rijzen uit het water op en hebben een massieve uitstraling. 

De verweving van de hoogteverschillen binnen het Dijkplateau en de routes vanuit de stad worden gerealiseerd door op het plateau te bouwen, hierbij worden hellingbanen tussen de gebouwen gerealiseerd. Deze hellingbanen zijn essentieel om vanuit de binnenstad bij de oevers van de rivier te komen. Op deze manier is het bijvoorbeeld mogelijk om vanuit de wijk Kralingen naar de Maas te wandelen. In de flauwe bocht in het oosten ligt het getijdenpark, met als natuurlijke ingrediënt voor het ontwerp van het park de sedimentaire aanwas van de rivier. Het park ligt naast de Watertorenhaven en de Watertoren, hierdoor kan dit gebied uitgroeien tot een recreatief knooppunt met uitzicht op de compacte binnenstad van Rotterdam.

 

info

Afstudeerproject Rotterdamdse  Academie van Bouwkunst

stedenbouw

commissieleden

Han Meyer, TU Delft

Han van den Born, KCAP

Dennis Moet GIDZ

Jeroen de Willigen (De Zwart Hond en RAvB)

publicaties en expositie

StedenbouwNu, 2012 

Blauwe kamer, Han Meyer en Anne Loes Nillesen/ februari 2011

Nominatie en exposite Archiprix 2010

Huig / januari 2011

De Kracht van het ontwerp in het deltaprogramma, Ytje Feddes Rijksadviseur van het landschap / januari 2011

Blauwe kamer / augustus 2010